Is de treinramp in Buizingen te wijten aan te hoge werkdruk? De vakbonden vrezen het, anderen betwisten die stelling. Staf Henderickx, huisarts en auteur van het boek 'Dokter, ik ben op. Over werkstress.' (EPO) onderzocht de gevolgen van werkstress en belicht de case van een NMBS-werknemer met hartritmestoornissen. Onderstaand opiniestuk verscheen als dusdaning in De Morgen en in De Standaard op 19 februari.
Bij grote rampen, zoals de treinramp van Buizingen, borrelen honderden vragen over de oorzaken van zulke rampen naar de oppervlakte. Waarom is er nog steeds geen veiligheidssysteem? En wie is de schuldige? De NMBS? De bevoegde ministers? Europa? Of is het een menselijke fout? Dat lijkt het beste scenario voor een doofpotoperatie: één persoon, één treinbestuurder die zwaar in de fout gaat en die beladen met alle zonden van de wereld in de woestijn kan gestuurd worden.
Maar ook individuele menselijke fouten vallen vaak niet uit de lucht. Bij veel grote trein-, vliegtuig- en scheepsrampen bleek de factor oververmoeidheid een cruciale rol te hebben gespeeld. En oververmoeidheid bij werknemers is een klacht die ik als huisarts meer en meer in mijn consultaties tegenkom. Als dokter moeten we niet alleen blijven stilstaan bij de klacht, maar ook mee zoeken naar de oorzaken en dus de oplossingen. Eén van onze grootste bevindingen van mijn studiewerk was dat werkstress en oververmoeidheid te wijten zijn aan de steeds toenemende werkdruk. Het opgedreven werkritme, de repetitieve handelingen, de onaangepaste en lange werktijden liggen mee aan de basis van werkstress.
Over die stress heb ik een boek geschreven, uitgaand van concrete ervaringen in de consultatie. Eén van de geïnterviewde werknemers, Ludo, is een treinbestuurder met hartritmestoornissen. Het interview getuigt van een enorme liefde voor het vak van treinbestuurder, maar legt ook pijnpunten bloot van de herstructureringen bij de NMBS het laatste decennium. Personeelstekort is verantwoordelijk voor meer overuren, meer reserve-uren en minder pauzetijd tussen de ritten. Treinen rijden dag en nacht en dat zorgt automatisch voor onregelmatige werkuren. Een studie bij het Brits spoorwegpersoneel registreerde vooral klachten van maagpijn, slaapstoornissen en vermoeidheid. Een andere studie wees uit dat treinbestuurders met onregelmatige werkuren meer koffie drinken, minder slapen en vlugger neerslachtig zijn dan die met regelmatige posten. Naast onregelmatige uurregelingen werken ook te lange werktijden vermoeidheid en dus verminderde concentratie in de hand. In het gesprek met Ludo legt hij uit dat ze maximum negen uur aan één stuk mogen doorwerken, maar door omstandigheden kan dit soms een stuk langer uitvallen. Aan de hand van metingen van het elektro-encefalogram bij treinbestuurders constateerde nog een andere onderzoeker een groot aantal dips in de waakzaamheid bij treinbestuurders.
Een derde en nieuw probleem is volgens treinbestuurder Ludo de beperkte opleiding van de treinbestuurders. Ook hier zit er door de herstructureringen en de vergrijzing bij de NMBS veel druk op de ketel om de jonge bestuurders vlug alle verantwoordelijkheid te geven. Daarbij komt dat sommige jonge treinbestuurders er een tweede job op nahouden wat de kansen op vermoeidheid en dus fouten nog vergroot. Met de zoektocht naar een tweede job evolueren we trouwens ook bij ons meer en meer in de richting van Amerikaanse toestanden.
Onregelmatige en te lange werkuren vormen samen met een gebrek aan ervaring een gevaarlijk mengsel dat aanleiding geeft tot meer werkstress en meer vermoeidheid. Beide storen de concentratie en verhogen dus de kans op fouten en dus ongevallen. Zo krijgt de menselijke fout van één individu een zware maatschappelijke betekenis. Daardoor is ook de fout van één individu niet te herleiden tot enkel zijn verantwoordelijkheid, maar de verantwoordelijkheid van de werkgever, het management en in dit geval de organiserende overheden, de Belgische en de Europese. Werkstress en oververmoeidheid zijn geen modeverschijnsels of geen managersziekten. Ze zijn in grote mate het gevolg van de intrede van het Taylorisme (managementtheorie die het aansturen van bedrijfsprocessen op een wetenschappelijke wijze vorm geeft, red.) in de privésector, ook in de dienstensectoren, zoals het transport, de post of de communicatiesector. Elke handeling wordt gechronometreerd en bestudeerd om ze te herleiden tot haar essentie in tijd. Deze meting dient tegelijk als basis voor herstructureringen en inkrimpingen van het personeelsbestand.
Deze evolutie en haar nefaste gevolgen is ook de Wereldgezondheidsorganisatie niet ontgaan. In haar strategische rapport van 2007 met als titel Werkomstandigheden en ongelijkheden in gezondheid legt ze de vinger op de wonde die de nieuwe stresserende werkorganisaties zijn. Dit indrukwekkende rapport, samengesteld door 90 internationale experts en 20 instituten, formuleert als één van haar aanbevelingen: 'De overheid speelt een bepalende rol in de gezondheidstoestand van haar werknemers, aangezien niet kan verwacht worden dat de markt zelf de werkgelegenheid en de werkomstandigheden eerlijk kan reguleren, vermits de markt dat niet tot zijn objectieven rekent.'
Als huisartsen willen we bij elke raadpleging van een patiënt door ondervraging en onderzoek een diagnose stellen om zo de ziekte te kunnen behandelen. Maar beter dan een infarct te behandelen is het infarct te helpen voorkomen. Dit treinongeval in Buizingen is verantwoordelijk voor een zee van verdriet in vele families. Het zou goed zijn als het mee de aanleiding vormt voor een dieper onderzoek, behandeling en preventie van de problemen van de treinbestuurders. Alleen een open geest kan nieuwe ongevallen voorkomen.